Kan de CVP mij helpen?

Een dochter wendt zich tot de CVP.

“Mijn moeder zit nu al bijna een jaar in het verpleeghuis vanwege Alzheimer. Ze gaat erg achteruit en weigert vaak de zorgmomenten. Dit heeft er al een aantal keren in geresulteerd dat ze 4 weken niet is gewassen of gedoucht. Ik heb hier al meerdere gesprekken over gehad met de medewerkers van de afdeling want ik maak me zorgen om mijn moeder. Wat kan ik doen? Kan de CVP mij helpen?”

Antwoord:

Een vertegenwoordiger mag zich altijd met vragen over zorg wenden tot de CVP. Daarvoor hoeft geen sprake te zijn van onvrijwillige zorg. De CVP onderzoekt of dochter volgens de Wzd de vertegenwoordiger is van haar moeder. In deze casus gaan we ervan uit dat dit zo is. 

Samen kunnen ze dan wellicht het gesprek aangaan met de zorgverantwoordelijke van de cliënt. Het is echter aan de zorgverantwoordelijke, in nauw overleg met het team en ook de arts, om te beoordelen of er sprake zou zijn van ernstig nadeel. Het kan uiteraard ook zijn dat er gebruik wordt gemaakt van alternatieven of andere manieren om mevrouw te wassen. Dat maakt de casus niet duidelijk. Als er echter zorgen zijn dat het nu niet goed gaat, moet er een gezamenlijk overleg komen. Als er echt geen alternatieven zijn, kan het noodzakelijk zijn, ter voorkoming van ernstig nadeel om mevrouw onder dwang te gaan wassen. Maar dat moet dus zorgvuldig worden afgewogen. Zijn er alternatieven, wat is het ernstig nadeel, en wordt er voldaan aan de criteria proportionaliteit, subsidiariteit en doelmatigheid? De CVP kan samen met dochter dit proces volgen en input geven op mogelijke alternatieven die passend zijn bij moeder. 

Als het echt een hele strijd gaat worden ‘douchen onder dwang’, ligt het voor de hand om toch op zoek te gaan met alle betrokken deskundigen naar alternatieven en meer humane manieren om mevrouw toch te wassen op een voor haar prettige manier. De rol van de CVP is dan vooral ondersteunend.

  

 

Plaats een reactie